Skip to content Skip to footer

Een tweede thuisgevoel maakt van jonge sporters de trainers van morgen

“Een sportclub die aanvoelt als een tweede thuis, houdt jongeren niet alleen langer aan boord als sporter. Ze zorgt er ook voor dat ze later zelf trainer willen worden.”

Die overtuiging vormt de rode draad doorheen de bachelorproef van Nuno Nascimento, student Sport- en Cultuurmanagement aan Hogeschool Thomas More te Turnhout.
Zijn onderzoek sluit verrassend goed aan bij een van de grootste uitdagingen waar sportclubs vandaag voor staan: voldoende jeugdtrainers vinden, behouden en ondersteunen.

Kan je jezelf kort voorstellen en iets vertellen over je stage bij Jeugdsportnet Zuiderkempen?

“Ik ben Nuno Nascimento en studeer Sport- en Cultuurmanagement aan Thomas More in Turnhout.
Tijdens mijn derde bachelor liep ik elf weken stage bij Jeugdsportnet Zuiderkempen.”

Wat mij meteen aansprak, waren de vele kansen die ik kreeg. Ik kon verschillende projecten van dichtbij volgen, heel wat mensen uit de sportwereld ontmoeten en waardevolle ervaring opdoen die perfect aansloot bij mijn opleiding.
Ik kende Jan Cuypers al via Sportclub Connect. Daardoor wist ik dat Jeugdsportnet Zuiderkempen sterk inzet op samenwerking tussen sportclubs. Dat sprak me enorm aan.”

“Een tweede thuisgevoel gaat veel verder dan een mooie accommodatie”

Jouw bachelorproef gaat over het tweede thuisgevoel bij jongeren. Wat bedoel je daar precies mee?
“Een tweede thuisgevoel betekent dat jongeren zich in hun sportclub even welkom, veilig en verbonden voelen als thuis. Mijn bachelorproef onderzoekt hoe sportclubs zo’n omgeving kunnen creëren zodat jongeren langer actief blijven en minder snel afhaken.”

Daarvoor baseerde Nuno zich op het Place Attachment Model, dat drie belangrijke bouwstenen onderscheidt:
1. Personen
2. Proces
3. Plaats

“Veel mensen denken spontaan aan de accommodatie wanneer ze over een club praten. Natuurlijk is een mooie sporthal of een goed terrein belangrijk, maar uit onderzoek blijkt dat de mensen en de manier waarop een club werkt nog veel belangrijker zijn.”

Personen
“Jongeren willen zich verbonden voelen met anderen.
Ze willen vrienden maken, vertrouwen krijgen, verantwoordelijkheid opnemen en inspraak hebben. Wanneer jongeren voelen dat hun mening telt, groeien ze automatisch sterker naar de club toe.”

Proces
“Ook waardering speelt een enorme rol.
Jongeren willen gezien worden. Een eenvoudig compliment, een bedanking of een schouderklopje kan veel meer betekenen dan we soms denken.”

Plaats
“De fysieke omgeving blijft belangrijk. Jongeren komen graag naar een club waar ze zich veilig voelen, waar een positieve sfeer hangt en waar ze zichzelf kunnen zijn.
Maar uiteindelijk wegen de mensen en de clubcultuur nog zwaarder door dan het gebouw zelf.”

“Een tweede thuisgevoel zorgt ook voor meer jeugdtrainers”

Welke link zie jij tussen jouw onderzoek en het vinden van nieuwe jeugdtrainers?
“Die link is eigenlijk heel logisch. Wanneer jongeren jarenlang graag naar hun sportclub komen en zich er thuis voelen, zullen ze veel sneller nadenken over een nieuwe rol binnen diezelfde club.”

Volgens Nuno begint alles bij waardering.
“Als jonge trainers het gevoel krijgen dat hun inzet gezien wordt, blijven ze gemotiveerd. Ontbreekt die waardering, dan haken ze veel sneller af.”

Maar waardering alleen is niet voldoende.
“Jonge trainers hebben ook begeleiding nodig. Ze beschikken vaak over veel enthousiasme, maar minder ervaring. Daarom is pedagogische ondersteuning zo belangrijk.”

Hij verwijst daarbij naar de bachelorproef van zijn medestudent Axel Belmans, die de pedagogische noden van jonge trainers tussen 16 en 25 jaar onderzocht.
“Jonge mensen zijn soms impulsiever. Net daarom hebben ze een mentor nodig die hen ondersteunt, feedback geeft en helpt groeien.”

Ook mentaal welzijn verdient volgens hem veel meer aandacht.
“Wanneer jonge trainers voortdurend onder druk staan of het gevoel hebben er alleen voor te staan, stoppen ze sneller.”

“Doe vooral wat je belooft”

Welke verantwoordelijkheid heeft een sportclub hierin?
“Wanneer een bestuur jongeren kansen geeft om trainer te worden, moet het hen ook blijven opvolgen.
Wat je belooft, moet je ook waarmaken. Dat betekent:
1. regelmatig contact houden;
2. begeleiding voorzien;
3. ervaren trainers inzetten als mentor;
4. opleidingen aanbieden, bijvoorbeeld via Start2Coach of andere initiatieven van de Vlaamse Trainersschool.”

Volgens Nuno ontstaat zo een veilige leeromgeving waarin jonge trainers stap voor stap kunnen groeien.

Drie eenvoudige tips voor sportclubs

Welke drie adviezen wil je sportclubs graag meegeven bij het vinden en behouden van jeugdtrainers?

1. Wacht niet tot jongeren zichzelf aanbieden
“Veel jongeren weten niet dat trainer worden een mogelijkheid is. Vraag daarom zelf wie interesse heeft. Ga actief in gesprek. Toon dat je in hen gelooft.”

2. Laat jongeren gewoon eens proberen
“Je hoeft niet meteen definitief trainer te worden. Laat jongeren eens een training mee begeleiden of een kleine verantwoordelijkheid opnemen. Zo ontdekken ze vanzelf of het bij hen past.”

3. Maak hulp vragen vanzelfsprekend
“Veel jongeren durven geen vragen stellen omdat ze denken dat ze alles meteen moeten kunnen. Maak duidelijk dat hulp vragen juist een sterkte is. Goede begeleiding zorgt ervoor dat jonge trainers met meer vertrouwen kunnen groeien.”

Een boodschap voor studenten

Welke raad geef je aan studenten die binnenkort aan hun bachelorproef beginnen?
“Laat het zeker niet liggen tot het laatste moment.
Werk in kleine stapjes. Gebruik de kennis van mensen rondom jou en durf gebruik te maken van hun netwerk.
Zo bouw je stap voor stap aan een sterk eindresultaat.”

Hij besluit met een glimlach:
“Maak iets waar je achteraf echt trots op bent. Je schrijft niet alleen een bachelorproef om af te studeren, maar ook om iets waardevols achter te laten.”

Van tweede thuis naar sterke trainerswerking

Het verhaal van Nuno toont hoe nauw een warme clubcultuur en een sterke trainerswerking met elkaar verbonden zijn.

Sportclubs die investeren in verbondenheid, waardering, inspraak en begeleiding, behouden niet alleen meer jongeren als sporter. Ze leggen tegelijk de basis voor een nieuwe generatie enthousiaste jeugdtrainers.

Misschien begint een duurzame trainerswerking dus wel veel vroeger dan we denken.
Niet wanneer jongeren trainer worden.
Maar wanneer ze als kind het gevoel krijgen:

“Deze sportclub is mijn tweede thuis.”

Contact: nnnascimento13@gmail.com

Leave a comment